Accent op kleur

 

Bron:www.canon.nl/youconnect

Echte kleuren zien

Het zal je misschien verbazen, maar elke foto die je maakt (en elke digitale foto die ooit is gemaakt) is eerst zwart-wit (en grijstinten).
Digitale beelden worden vastgelegd op een sensor aan de achterkant van de camera. Elke pixel (kort voor picture element) bevat een kleine fotocel. Deze reageert op licht en genereert een kleine hoeveelheid elektrische lading, net als een zonnecel. De grootte van deze lading staat in verhouding tot de helderheid van het licht dat op de cel valt. Hoe helderder het licht, hoe groter de lading.

Elke lading krijgt een nummer op basis van de sterkte. Bijvoorbeeld bij een 8-bits JPEG-bestand: als er geen licht op de cel valt, wordt er geen lading gegenereerd en wordt het nummer ‘0’ (zwart). Als de cel de maximale lading genereert, krijgt deze het nummer ‘255’ (wit). Tussenliggende waarden krijgen de nummers ‘1’ tot ‘254’ (grijstinten). Deze nummers worden in binaire indeling opgeslagen als fotobestand op de mediakaart.

De computer leest het fotobestand en beeldt de foto af door ‘0’-pixels als zwart, ‘255’-pixels als wit en alle andere pixels in de juiste grijstinten weer te geven. RAW-bestanden hebben echter een veel groter bereik aan tinten; een 14-bits RAW-afbeelding heeft een bereik van ‘0’ tot ‘16384’.

Het geheel kleur geven
Waar komen de kleuren op digitale foto's vandaan? Fotocellen kunnen alleen de helderheid van het licht vastleggen. Ze zijn niet kleurgevoelig.

Nu wordt het ingenieus. De sensor is bedekt met een mozaïek van kleurenfilters – één filter voor elke fotocel. De filters zijn onderverdeeld in vierkanten van vier: één rode (R), twee groene (G) (omdat het menselijke oog twee keer gevoeliger is voor groen licht dan voor rood en blauw licht) en één blauwe (B). De cellen reageren op de rode, groene en blauwe componenten van licht. Elke groep van vier cellen beschikt nu over voldoende kleurgegevens om de afbeelding in kleur weer te geven.

Hoe kunnen er dan met slechts 3 kleuren realistische kleurenfoto's worden gemaakt?

Drie kleuren worden er 16 miljoen
Rood, groen en blauw worden ‘additieve’ kleuren genoemd en worden al sinds het ontstaan van fotografie gebruikt voor het maken van kleurenfoto's. Door deze kleuren in verschillende hoeveelheden en sterkten te combineren, kunnen er meer dan 16 miljoen kleuren worden weergegeven (waarschijnlijk kun je geen onderscheid maken tussen al deze kleuren). Bij zwart zijn de drie kleuren niet aanwezig. Wit is een mix van alle drie kleuren op volledige sterkte.

Nu realiseer je je misschien pas dat je wel bekend bent met het feit dat foto's uit de kleuren rood, groen en blauw bestaan. Hier komt het acroniem ‘RGB’ vandaan.

Bij bepaalde digitale Canon-camera's heb je de mogelijkheid om het fotobestand op te slaan in één van de volgende twee typen RGB: sRGB of Adobe RGB. Deze worden ‘kleurruimten’ genoemd. Als je de verschillen tussen deze twee kleurruimten niet kent, kun je de camera instellen op sRGB.

Kleurweergave voor prints
Inkjetprinters bieden geen ondersteuning voor RGB. Op een computerscherm worden rood, groen en blauw samen wit. Als je rode, groene en blauwe inkt mengt, krijg je een bruinachtige kleur.

Daarom maken printers gebruik van CMYK. Papier is meestal wit, dus deze kleur ontstaat door afwezigheid van alle andere kleuren. Andere kleuren worden gemaakt door de hoeveelheid cyaan (C), magenta (M) en gele (Y) inkt te variëren. De meeste inkjetprinters beschikken ook over een aparte cartridge met zwarte inkt (K).

Maar hoe wordt RGB naar CMYK geconverteerd? Het antwoord zit in het stuurprogramma, de software die als interface tussen de computer en de printer optreedt. Een van de taken van het printerstuurprogramma is het converteren van RGB-kleuren naar CMYK-kleuren.

You Connect

Een consistent kleurbeheersysteem maken
Er is een relatief eenvoudige manier om een consistent en nauwkeurig kleurbeheersysteem te handhaven: gebruik camera's, printers, inkt, papier en software van dezelfde fabrikant. Dit klinkt misschien als een onvervalste advertentiecampagne voor Canon-producten, maar het is pure logica. Canon wil graag de best mogelijke resultaten voor haar beeldverwerkingsapparatuur en daarom worden alle onderdelen aangepast voor onderlinge samenwerking. Hier volgen enkele aanbevelingen.
* Stel de camera in op de sRGB-kleurruimte (tenzij je voor een bureau, drukker of uitgeverij werkt waar Adobe RGB-bestanden worden gebruikt).

* Voer ten minste één standaardkalibratieprocedure voor het computerscherm uit.

* Gebruik Canon-software voor het printen vanaf de computer. Sla het bestand op als JPEG als je wijzigingen aan de foto heeft aangebracht. Open vervolgens de toepassing Canon Easy-PhotoPrint die wordt meegeleverd met de meeste Canon-inkjetprinters. Met deze eenvoudige software kun je niet alleen het papierformaat en het aantal foto's selecteren dat je per vel papier wilt printen, maar er wordt ook gevraagd welke Canon-papiersoort je gebruikt (Photo Paper Pro [Professioneel fotopapier], Glossy [Glanzend], Matte [Mat], Plain [Normaal], enz.). De resultaten verschillen enigszins voor elk papiertype. Er is ook een optie voor ‘Vivid Photo’ (Levendige foto), waarmee je de kleurverzadiging kunt vergroten.

* Gebruik altijd een Canon-inkjetprinter met originele Canon-inktcartridges en origineel Canon-inkjetpapier.

 

Note van Webmaster: Bovenstaande geld natuurlijk ook voor andere merken dus B.V. Epson inkt en papier bij een Epson printer

Venster sluiten